Woordenlijst pijnstillers en ontsteking
De vaktermen die in bijsluiters en in de spreekkamer voorbijkomen, op alfabet gezet en uitgelegd zonder jargon.
Let op: deze pagina geeft algemene uitleg over pijn en ontstekingsremmers. Bespreek uw eigen klachten, uw medicijnen en elke verandering daarin met uw huisarts of apotheker.
In bijsluiters en in de spreekkamer vallen woorden die zelden worden uitgelegd. Deze lijst zet de belangrijkste ervan op een rij, in gewone taal en op alfabet. De uitgebreide behandeling staat telkens in de rubriek waar het onderwerp thuishoort.

- Analgeticum
- Verzamelnaam voor een middel dat pijn bestrijdt. De hoofdgroepen staan naast elkaar in pijnstillers vergelijken.
- Bijwerking
- Een effect van een middel dat niet het beoogde effect is. Ook een vermoede bijwerking kan gemeld worden, zoals beschreven bij bijwerkingen melden.
- Bijsluiter
- Het verplichte informatieblad bij een geneesmiddel, met vaste hoofdstukken in een vaste volgorde.
- Contra-indicatie
- Een omstandigheid waarin een middel niet gebruikt mag worden, bijvoorbeeld een bepaalde aandoening of een zwangerschap.
- Halfwaardetijd
- De tijd waarin het lichaam de helft van een stof heeft afgebroken of uitgescheiden. Bepaalt mede hoe lang een middel werkzaam blijft.
- Hulpstof
- Een stof in een product die zelf geen effect op de klacht heeft, maar nodig is voor de vorm, de houdbaarheid of de smaak.
- Interactie
- Een wisselwerking tussen twee middelen, waardoor het effect of het risico verandert. De apotheek let daarop.
- NSAID
- Niet-steroide ontstekingsremmende pijnstiller. Deze groep remt pijn en ontstekingsreactie tegelijk.
- Ontsteking
- De reactie van het lichaam op schade of een indringer, met roodheid, warmte, zwelling en pijn. Uitgelegd in wat een ontsteking is.
- Prostaglandine
- Een stof die het lichaam bij weefselschade aanmaakt en die pijn, zwelling en koorts mede veroorzaakt. NSAID's remmen de aanmaak ervan.
- Receptplichtig
- Alleen verkrijgbaar na een recept van een bevoegde voorschrijver. Het systeem staat in zonder recept of op recept.
- Sterkte
- De hoeveelheid werkzame stof per eenheid, uitgedrukt in milligram. Zie de sterkte op de verpakking.
- Toedieningsvorm
- De vorm waarin een middel wordt gegeven: tablet, gel, zetpil of infuus. Het verschil staat in gel of tablet.
- Werkzame stof
- De stof die het effect veroorzaakt, met een naam die niet per fabrikant verschilt. Zie werkzame stof en merknaam.
- Zelfzorgmiddel
- Een middel dat zonder recept verkrijgbaar is. Dat betekent niet dat er geen aandachtspunten zijn.
Waarom deze woorden ertoe doen
Een bijsluiter wordt begrijpelijker zodra een handvol termen bekend is. Wie weet wat een contra-indicatie is, leest het betreffende hoofdstuk anders. En wie het onderscheid tussen werkzame stof en merknaam kent, herkent dubbelgebruik dat anders onopgemerkt blijft. De opbouw van zo'n bijsluiter staat in hoe je de bijsluiter leest.
Wat deze lijst niet is
Het is geen medisch woordenboek en geen volledige naslag. De omschrijvingen zijn kort gehouden en bedoeld om een tekst te kunnen volgen. Voor de betekenis van een term in uw eigen situatie is de apotheek het snelste adres, zoals beschreven bij de apotheek en uw medicatie.
Hoe een bijsluiter zijn woorden kiest
Bijsluiters zijn geschreven volgens Europese afspraken over taalgebruik. Frequenties van bijwerkingen worden bijvoorbeeld in vaste categorieen uitgedrukt, van zeer vaak tot zeer zelden, met een omschrijving erbij van hoeveel mensen dat betreft. Die vaste woorden maken het mogelijk om bijsluiters onderling te vergelijken, maar ze lezen alleen goed als je weet dat het vakwoorden zijn en geen alledaagse taal. Wie dat eenmaal doorheeft, leest de rubriek over bijwerkingen aanzienlijk rustiger.
Verder lezen in dit dossier
- Diclofenac: veelgestelde vragen Vragen
- Wat is een ontsteking eigenlijk? Vragen
- Pijnstillers vergelijken: de hoofdgroepen Pijnstillers
- Rugpijn: oorzaken op een rij Klachten
- Verschil tussen diclofenac en ibuprofen Diclofenac